Luister live mee: Op dit moment is er geen uitzending
Reguliere uitzendingen op zondag
van 9:30 tot 10:30 en
van 16:30 tot 17:30 |
|
Preken archief
|
Titel: |
Ik kies kunstenaars |
|
Thema: |
Ik ga zelf met jullie mee |
|
Liturgie: |
Lied: Ps 92:1-3 – Waarlijk, dit is rechtvaardig
Votum en groet
Lied: Ps 98 – Zingt een nieuw lied voor God, de HEER
Gebed
Wetlezing: Exodus 20
Lied: Ps 144:1
Lezen: Exodus 31
Lied: Gez 401:1,2 – Een vaste burcht is onze God
Preek
Lied: Gez 239:1,4,6,7 – Kom Schepper God, o Heilge Geest
Gebed
Collectezang: Opw 481 – Ik aanbid u
Lied: Opw 313 – In een donker graf gevangen
Zegen |
|
Ik kies kunstenaars Exodus: even terugkijken
Sinds september preek ik bijna elke maand uit Exodus. De laatste keer is even geleden, 23 januari. Ik kan me daarom voorstellen, dat er heel wat mensen hier zijn, die niet door hebben, dat Exodus dit hele jaar terugkomt. Maar, het is echt zo.
Ik fris eerst jullie geheugen even op.
Exodus: de opzet van het boek
Het thema van Exodus is dit: God gaat door zijn Heilige Geest persoonlijk met Israël mee.
Wanneer je het boek in grote lijnen gaat indelen, ziet het er zo uit:
Ex 1-18 God redt het volk uit Egypte
Ex 19-24 God sluit een verbond met hen
Ex 25-40 God komt zelf bij Israël wonen
Wanneer je op het laatste blokje inzoomt, krijg je dit:
Ex 25-31 Voorbereidingen en instructies voor de bouw van de tent
Ex 32-34 Crisis met het gouden kalf, de vraag: gaat God zelf mee?
Ex 35-39 De bouw van de tent
Ex 40 Climax: God gaat zelf met Israël mee
Exodus: het resultaat tot nu toe
Pas je Exodus toe op ons, dan krijg je dit: door de Heilige Geest gaat onze Heer Jezus met ons mee. Exodus vertelt dus ook veel over onze relatie met de Heer.
Dit is het resultaat tot nu toe: zes beloftes van de Heer Jezus:
“Ik ga zelf met jullie mee.”
Dat is de belofte van Exodus 34. Die belofte vind je ook in Zondag 18 van de Catechismus. “Ik zelf ga met jullie mee. Vertrouw op mij.”
“Ik geef jullie mijn reddingspijl.”
Dat is Exodus 12. De reddingspijl van de Heer is het Avondmaal, of de maaltijd van de Heer.
Daarna kwamen er nog drie beloften:
“Ik leid en verlos jullie uit de macht van de duisternis.”
Exodus 13 en 14, waar de HEER de Israelieten verlost van de Egyptenaren, wanneer ze door de Schelfzee trekken.
“Ik maak alles heel wat stuk is.”
Exodus 15, waar de HEER het water van Mara heelmaakt.
“Ik schenk jullie een nieuw en beter verbond"
Exodus 19.
Dan als laatste dit nog:
“Ik representeer zowel jou als de Vader voor 100%.”
Exodus 32. God de Vader is niets anders dan Jezus. Dat is de ene kant. De andere kant is dit. De Heer Jezus die tegen zijn Vader zegt: “Ik ben hier bij u om mijn mensen te vertegenwoordigen. Zij zijn het kostbaarste wat ik heb. Ik heb alles voor hen over gehad.”
Toen ik deze zes beloften op een rijtje zette, dacht ik: “Dit is veel. Mijn Heer, help mij zo op u te vertrouwen. Laat mij met u wandelen. U bent bij mij. U bent bij ons. Open telkens mijn ogen, om te zien dat u, Heer Jezus Christus, de Levende God bent.” Dit zijn geen grote woorden van een mens, dit zijn woorden van een Grote God.
In Exodus 31 voegt de Heer een nieuwe belofte toe
In september dacht ik door Exodus te vertellen over de Heilige Geest. In september had ik dit hoofdstuk ook al in mijn hoofd. Mijn gedachte was jullie met dit hoofdstuk te vertellen over de gaven van de Heilige Geest.
Kijk je nu naar al de beloften, dan draait het dus om de Heer Jezus. Misschien kan dat ook niet anders, want de Heilige Geest wijst altijd op de Heer Jezus. Daarom gaat het vanochtend ook om hem. Daarom voegen we vanochtend weer een belofte van hem toe aan deze rij. Een belofte uit Exodus 31.
Ik doe ook een belofte: onderwijs over de gaven van de Geest houdt u van mij tegoed.
De inhoud van de belofte
Wat is de belofte, die de HEER aan Mozes doet in Exodus 31?
Het is goed om je bijbel er bij te pakken en te kijken, of wat ik nu ga zeggen, goed samenvat wat de HEER zegt. Zoek Exodus 31dus maar op.
De HEER zegt tot Mozes:
“Ik kies kunstenaars uit, ik geef ze mijn Geest, ik geef ze een opdracht, zodat zij de gemeente helpen om mij te eren.”
Ik kies
“Ik kies kunstenaars uit.” “Ik kies.” Dat is vers 1 en vers 6 van dit hoofdstuk.
Zo doet God het altijd, niet alleen met kunstenaars, maar met iedereen. God kiest mensen uit. De Heer God zoekt zelf mensen uit.
De Heer Jezus kiest twaalf mannen uit. “Jullie zijn mijn apostelen. Ik ga jullie er op uit sturen. Jullie twaalf zijn mijn speciale getuigen.” Later kiest de Heer Jezus ook Paulus: “Voor jou heb ik ook een bijzonder plan. Ik heb jou uitgezocht om naar mensen te gaan, die nog nooit van mij of mijn Vader hebben gehoord.”
“Ik kies.” Dat betekent niet, dat mensen God dus altijd rechtstreeks tot zich horen spreken. Integendeel, dat is eerder uitzondering. Oholiab en Besaleël hoorden het van Mozes. “Kom eens mee. Jullie krijgen de leiding bij het bouwen van de tent. De HEER heeft jullie uitgekozen.”
David hoorde het van Samuël: “De HEER heeft jou uitgekozen als koning.” Zo gebeurde het ook bij Saul en zelfs bij Jerobeam.”
“Ik kies” betekent, dat je jezelf niet voordraagt. “Ik kies” betekent, dat de gemeente door de kracht van de Heilige Geest ziet, welke mensen God heeft uitgekozen.
“Ik kies kunstenaars”
Het bijzondere is hier, dat God kunstenaars aanwijst: Besaleël en Oholiab.
“Ik geef ze mijn Heilige Geest”
Dat niet alleen: “Ik geef ze mijn Heilige Geest.”
In de NBV staat in vers 2: “Ik heb Oholiab uitzonderlijke talenten geschonken.” Kijk thuis of hier eens in Het Boek of in de vertaling van 1951 of een andere vertaling. Dan vind je iets anders. Bijna altijd zoiets als: “Ik heb hem Gods Geest geschonken.”
Uitzonderlijke dingen heb je niet van jezelf, die krijg je. Besaleël krijgt zijn uitzonderlijke talenten ze van God. Het is een gave, een cadeau van God. Daardoor heeft hij een uitzonderlijk talent om goud, zilver en brons te bewerken, stenen te snijden en in te leggen en is hij op allerlei andere manieren artistiek vaardig is.
Dat is een wereld om over na te denken
De HEER zegt tot Mozes: “Ik kies kunstenaars uit, ik geef ze mijn Geest.”
Hier is natuurlijk een wereld om over na te denken. Kunst en de bijbel. Kunst en kerk. Kunst en de Heilige Geest.
Ik noem maar één vraag: “Is alle kunst afkomstig van de Heilige Geest?” Nee, zo absoluut kun je het natuurlijk niet stellen. Maar de relatie blijft ingewikkeld.
Kunst is geen illustratie maar proclamatie. Maar van wie?
Misschien heb je het boek “De gave van Asher Lev” van Chaim Potok gelezen. Asher is een jongetje uit een orthodox Joods gezin. Hij heeft de gave om te tekenen. En hoe! Mooie dingen, afschuwelijke dingen. Soms beheerst tekenen en schilderen zijn leven.
Maar, in zijn milieu zijn geen kunstenaars. Daar kan men niet mee overweg. Er zijn vaardige mensen, geen creatieve mensen, mensen die scheppen. Deze vraag komt naar voren: “Vanwaar komt deze gave? Is ze soms van gene zijde?”
De verleiding was daar natuurlijk groot om die laatste vraag met “ja” te beantwoorden. Potok houdt echter de vraag onbeantwoord. Maar, in hoeverre lijkt ons milieu wat betreft kunst op dat chassidische Joodse milieu?
“Ik kies kunstenaars.” In Exodus 31 kiest God ze dus wel: kunstenaars, creatievelingen.
Zou God nu geen kunstenaars meer kiezen?
Het is goed om tijd te nemen, om daar over na te denken. Herinner je die zes andere beloften. Wanneer deze belofte ook in dat rijtje hoort, wanneer God nog steeds kunstenaars kiest en zijn Geest in hen legt, dan is dat nogal wat.
Waarom zou God geen kunstenaars meer kiezen?
Ds. Rietkerk wijst op Openbaring 21. Daar staat, dat op de nieuwe aarde de volken hun pracht, schatten en kostbaarheden het nieuwe Jeruzalem binnenbrengen. Hij legt dat uit, als de schatten en cultuuruitingen van nu en vroeger, die de volken dan aan de Heer geven.
Is creativiteit juist niet iets wat bij uitstek naar de Schepper kan verwijzen? Of andersom: zou God ons zijn Geest voor alles schenken, maar niet meer om creatief en kunstzinnig te zijn?
Genoeg dus om over na te denken in het groot.
Het is ook voor onze gemeente onderwerp van bezinning
Maar, niet alleen in het groot, het betekent ook wat voor ons als gemeente. “God kiest kunstenaars.” Je kunt aan Händel denken, of Rembrandt, Lewis of Dan Hasseltine, maar denk eens aan onze eigen gemeente:
De schrijvers
De cineasten
De danseressen
De tekenaars
De schilders
De zangers
De muziekanten
De cabaretiers
De pottenbakkers
De edelsmeden
En ik ben vast nog mensen uit onze gemeente vergeten in dit rijtje.
Zonder al te veel toepassing, pakken we de rest van de tekst uit en houden deze mensen in hun achterhoofd.
“Ik geef ze een opdracht”
“Ik kies kunstenaars. Ik geef ze een opdracht.” Dat is het bouwen van de tent waarin de HEER bij zijn volk gaat wonen. Kijk maar naar vers 11: “Laat hen alles uitvoeren zoals ik het je heb opgedragen.”
Ervoor staat een korte opsomming van wat ze moeten maken. In de hoofdstukken hiervoor vind je een uitgebreide beschrijving. Daar staat hun opdracht. In hoofdstuk 35-39 gaan Besaleël en Oholiab aan het werk.
Het is niet zo, dat Besaleël en Oholiab zelf geen inbreng hadden. Integendeel ze zijn zelf in staat ontwerpen te maken, staat in hoofdstuk 35 van Exodus. Genoeg creatieve inbreng dus. Eigen inbreng, maar wel binnen een kader of op zijn minst vanuit een opdracht die ze van de HEER hadden gekregen.
“Ze moeten samen met mijn gemeente werken”
De opdracht die ze hadden, had ook een duidelijk doel: “Zodat zij de gemeente helpen om mij te eren.”
Oholiab en Besaleël gingen niet alleen aan de slag. De HEER gaf ook andere mensen wijsheid om mee te helpen, kijk maar naar vers 6. Samen gingen ze dus aan de slag.
Volgens mij is dit voor creatieve mensen pas een echte opgave. De echt creatieve mensen die ik heb ontmoet, passen vaak niet in het straatje. Vaak loopt het aan twee kanten mis. “Individualisten,” concluderen we dan. Is dat echt zo?
Oholiab en Besaleël moesten van de HEER in een team aan de slag.
“Om mij te eren”
Ze brachten ook eer aan hun HEER door wat ze maakten: de tabernakel. De plaats waar de HEER midden tussen zijn volk wilde wonen en hen wilde ontmoeten.
In India zag ik een werkelijk schitterend beeld van Ganesh, de olifantgod, teken van geluk en voorspoed. Hij zat bovenop zijn rijdier, een rat. Met zijn armen voerde hij een dans uit. Het beeld was mangroot. Helemaal in hout uitgesneden. Het was artistiek, het was vaardig, fijnzinnig… Was dat van God?
Ik vond van niet. Het verwees niet naar de Schepper. Het verwees ook niet naar de schepping. Zelfs niet naar de gebrokenheid en de kapotheid van deze wereld. Het wilde eer bewijzen aan een afgod, dat stond ook op het kaartje. Ik kon me niet voorstellen, dat dit beeld op de nieuwe hemel en aarde te zien zal zijn. Maar, misschien wil een ander nog wel aan toe voegen.
Het doel van deze twee mannen, van dichters in de bijbel en daarbuiten en van veel schilders en schrijvers en noem maar op was dit: samen de HEER te eren, hem het beste te geven wat ze in huis hadden. Of in geval van die twee uit Exodus: die kampeerden, dus het was beste wat ze in hun tent hadden.
Geef de Heer het beste wat je hebt
De HEER zegt tot Mozes: “Ik kies kunstenaars uit, ik geef ze mijn Geest, ik geef ze een opdracht, zodat zij de gemeente helpen om mij te eren.”
Als de Heer dit ook tot ons zegt…
Hebben we veel om over na te denken.
Belooft de Heer ons ook veel.
Geeft hij ons ook een opdracht: ontdek en ontwikkel de gaven.
Is het ook een uitdaging: geen smartlappen voor de Heer, geen illustraties, maar proclamatie en het beste voor hem.
Amen Wanneer je deze tekst anders dan voor jezelf wilt gebruiken, stelt ds. Pieter Kleingeld een e-mail op prijs. |
Meer preken met het thema Ik ga zelf met jullie mee:
| |